Currently Browsing: Informatieve teksten

Ben je die stakingen van het openbaar vervoer ook kotsbeu?

boosBen je die stakingen van het openbaar vervoer ook kotsbeu? Ik anders wel. Het is een totaal irrationele, irrelevante reactie van mij, want ik neem zelden de trein en maar af en toe de bus ook al heb ik een abonnement. Maar ik stel me in de plaats van al die andere reizigers die wel dagelijks moeten sporen of karren, en die worden om de haverklap met het machtsmisbruik van de heren en dames van het openbaar vervoer geconfronteerd. Vandaag was het weer van dat.

Ik wil alle begrip van de wereld opbrengen voor de eisen van het personeel van De Lijn, die wellicht grotendeels terecht zullen zijn. Voor alle duidelijkheid: het kan niet dat chauffeurs bedreigd, geslagen en vernederd worden.  Nu niet, straks niet, nooit of te nimmer. maar door te gaan staken, gijzelt het personeel de zwakkeren onder ons zijnde de reiziger. Moest iedereen in dit land gaan staken omdat er een bepaald conflict met de werkgever of het publiek is, dan zou het pas mooi worden. Nu ja, als ik als schrijver een dag mijn pen neerleg heeft daar niemand last van behalve mezelf, want dan moet ik de volgende dag gewoon harder werken om de achterstand in te halen.

De stakers maken misbruik van hun positie en treffen met hun acties de verkeerde mensen. En het kweekt ook niet bepaald goodwill. Een vaak gehoorde oplossing die al jaren circuleert is niet te staken, maar de reizigers die een kaartje willen kopen gratis laten reizen. Voor de abonnementhouders zou een mooie ludieke actie kunnen verzonnen worden. Ik zou het bijvoorbeeld niet erg vinden om tijdens de rit onderweg ergens halt te houden, samen met de misnoegde chauffeurs -bestuurders een kopje koffie te drinken, naar hun grieven te luisteren en massaal een ondersteunende petitie te tekenen. En waarom eens niet iedereen, reizigers en personeel incluis, oproepen om een dag in grote getale naar de hoofd- en plaatselijke kantoren van trein, tram en bus te trekken - uiteraard gratis - om daar vreedzaam te protesteren en onze steun aan elkaar te betuigen? We maken er een leuke uitstap van compleet met hapjes en drankjes, en ik wil gerust persoonlijk Vuile Mong bellen om ons met zijn Vieze Gasten aangenaam te onderhouden.

Zo, dat lucht op, het is van me afgeschreven en ik kan weer lachen.

Auteur Stefaan Van Laere over valpartijen in de Tour de France op doortocht in Nederland, Vlaanderen en de Ardennen. En straks over de kasseien van Parijs-Roubaix

faema-stefaan‘t Is me wat met die valpartijen in de Tour de France. Een mens zou op de duur schrik hebben om nog te kijken, want elke keer ik verstrooid de blik van mijn krant of laptop afwend richting tv-scherm ligt er weer een klad coureurs op de grond. Het had nochtans zo mooi kunnen zijn, in dat weidse landschap eerst in Zeeland, dan via Antwerpen naar Brussel en zo door de Ardennen die eerste twee ritten.
Fietsen en vallen hoort helaas samen, dat heb ik intussen ook al mogen ondervinden. Deze winter nog toen deze jonge goed gemutst zoals elke dinsdagochtend naar de Gentse Blaarmeersen reed voor zijn wekelijks tennisuurtje met sparringpartner en fotograaf Johan Martens - of beter gezegd, ik ben eigenlijk zijn sparring partner want hij wint meestal maar dat terzijde. Ik was al op het domein en nam goedgemutst de voorlaatste bocht maar toen ging het mis. Een of andere onverlaat op de brommer stak me net in die bocht voorbij en daar was ik niet op bedacht. Deze jongen ging onderuit, meters verder glijdend en de knie wilde niet meer mee omdat er flink wat vel aan het asfalt was blijven plakken. Van tennissen is die dag niets in huis gekomen, zulke mietjes zijn we wel.
Maar goed, vandaag staat een rit over de kasseien van de Hel van het Noorden op het programma en ik houd mijn hart al vast.
En natuurlijk ga ik kijken. Mijn knie begint spontaan weer pijn te doen.

Stefaan Van Laere is niet met een baksteen maar een fiets in de maag geboren, vermoeden wetenschappers die het dus kunnen weten. Hij schreef recent twee wielerboeken: een over Eddy Merckx en een eerste over Frank Vandenbroucke.

‘Kind in Congo’ (Pol Van Assche & Stefaan Van Laere) voorgesteld en op tv (AVS)

foto-website41Maandag 28 juni 2010 werd in Polariteit (Sint-Amandsberg) ‘Kind in Congo’ aan pers en publiek voorgesteld, het nieuwe (en intussen al vierde gemeenschappelijke) boek van danslegende Pol Van Assche en auteur Stefaan Van Laere. Het werd een erg persoonlijk boek waarbij Pol Van Assche in woord en beeld teruggraaft in zijn eigen bewogen en avontuurlijke jeugd in Afrika.

Op de foto’s een terecht fiere Pol Van Assche met zijn nieuw boek en mede-auteur Stefaan Van Laere en co-uitgever Antoine Bomon. Voor Pol een emotioneel moment, en in augustus trekt hij als goodwill ambassadeur van Handicap International naar zijn geboortestad Bujumbura.
In 2004 was Pol al eens eerder in Congo, maar nu gaat hij dus letterlijk naar zijn geboortegrond terug.

Ook televisiezender AVS maakte een reportage rond het boek die u hier kunt bekijken.
Deze reportage werd uitgezonden op 30 juni 2010, dag op dag vijftig jaar na de onafhankelijkheid van Congo.
 foto-website1

Klik hier om het boek te bestellen.

De Gentenaar en televisiezender AVS over het overlijden van het ‘Moederke van de Muide’ (maandag 15 maart 2010)

moederke-de-gentenaar-webversie De reportage uit De Gentenaar van maandag 15 maart 2010 over het overlijden van het ‘Moederke van de Muide’ waarover auteur Stefaan Van Laere in 1994 het boek ‘Wrakhout. Een verhaal uit de marge’ schreef.

avsOok de Oost-Vlaamse televisiezender AVS zond op maandag 15 maart 2010 een reportage over het Moederke en haar Hulphuizeke uit, waarin auteur Stefaan Van Laere aan het woord kwam. U kunt de reportage hier bekijken.
Bij wijze van eerbetoon aan het Moederke zal ‘Wrakhout’ bewerkt en opnieuw uitgegeven worden. Later hierover meer.

Weg met huisstofmijt en allergiën - Primeur voor België: mobiele demowagen voor centraal stofzuigsysteem van Disan!

De mobiele demowagen van het centrale demosysteem Disan komt gewoon bij je thuis langs...

De mobiele demowagen van het centrale demosysteem Disan komt gewoon bij je thuis langs...

Allergieën en huisstofmijt behoren tot de hardnekkige ziektes van de moderne tijd. Gewone stofzuigers kunnen ze nooit allemaal de baas en spelen gevoelige mensen met ademhalingsproblemen steeds meer parten, maar gelukkig biedt de centrale stofzuiginstallatie van Disan de ultieme oplossing.
Heb je interesse om in je woning, horecazaak of bedrijf een centraal stofzuigsysteem te laten installeren maar geen tijd om je te verplaatsen? Geen probleem, de mobiele demowagen van exclusief verdeler van Disan Rudy Demoustiez komt gewoon bij je langs om de toestellen vrijblijvend te demonstreren! Rudy combineert zijn drukke beroepswerkzaamheden met een tweede ‘taak’ als alleenstaande vader van twee opgroeiende tienerkinderen.

Massa’s bacteriën

Fijn stof, allergene partikels, huisstofmijt en andere microscopisch kleine deeltjes zweven vrij door de lucht en worden door gewone stofzuigers nooit allemaal opgezogen. Integendeel, ze belanden in de filter van de stofzuiger en worden dan weer gewoon in de kamer teruggeblazen. Daar blijven ze urenlang in de lucht zweven en worden weer ingeademd, waarna ze op het longslijmvlies achterblijven.
In de filterzak van een klassieke stofzuiger klonteren massa’s bacteriën en kiemen samen, die een steeds grotere, geconcentreerde massa worden. Niet te verwonderen dat steeds meer mensen last hebben van allergieën, want de eigen huiskamer is al een eerste belangrijke broeihaard…

Opnieuw ademen

Gelukkig is er een eenvoudige oplossing met de centrale stofzuiginstallatie van Disan. Het zo schadelijke stof wordt met dit systeem allemaal naar buiten geblazen en je kunt opnieuw ademen. Voor gevoelige mensen dé oplossing, en onze gezondheid wordt beter door een zuivere omgeving. Voor alle gevoelige mensen, astmatische kinderen en volwassenen plus allergische personen is dit een niet te missen systeem.

Krachtig, stil en comfortabel

Een centrale stofzuiginstallatie van Disan is geschikt voor zowel particuliere woningen, appartementsgebouwen als hotels, bakkerijen en andere industriële toepassingen. Het systeem is eenvoudig: een centrale stofzuiginstallatie wordt buiten de leefruimte in bijvoorbeeld de kelder, een opslagruimte of in de garage geplaatst. Een sterke turbinemotor zorgt voor de afzuiging. Een systeem van afzuigleidingen verbindt de turbinemotor met de in de leefruimte geplaatste afzuigcontactdozen. Een handige, lichte flexibele slang kan je rechtstreeks in de afzuigcontact plaatsen, dus geen gezeul meer met zware stofzuigers! En geluidsvriendelijk bovendien, zodat je bij het stofzuigen gewoon van je favoriete muziek kunt genieten.
Na de eerste fase passeert de lucht de cartouchefilter, die zelfs de kleinste deeltjes tegenhoudt. Als er na de filterprocessen toch nog microscopisch kleine deeltjes vrijkomen, dan worden ze opgenomen in de gefilterde lucht en zo naar buiten geblazen. Stof, vuil, bacteriën en vies ruikende lucht worden zo voor altijd uit de leefruimte verwijderd.
Het systeem is bijzonder gebruiksvriendelijk, en je poetst op een veel kortere tijd veel grondiger en gemakkelijker. Testen tonen aan dat je met dit systeem 38% sneller stofzuigt dan met een klassieke stofzuiger, en dat zonder het hinderlijke geluid!

Handig te monteren

Het systeem is ook door de doe-het-zelver te installeren. Je krijgt er een gratis druktest bij om er de eventuele fouten uit je installatie te halen, en de service na verkoop wordt door de klanten en ook door de architecten die intussen het systeem hebben leren kennen naar waarde geschat.

Mobiele demowagen

Exclusief verdeler van Disan Rudy Demoustiez is met de centrale stofzuiginstallatie van Disan aanwezig op BIS (3-11 oktober Flanders Expo Gent), waar je alles over dit uniek systeem kunt te weten komen.
Heb je geen tijd om naar BIS te gaan of wil je toch een uitgebreidere demonstratie aan huis? Dat kan! Rudy Demoustiez ontwikkelde een unieke mobiele demowagen die het hele systeem bij je thuis kan komen tonen. Deze wagen is volledig uitgerust met enkele van de toestellen en laat je vrijblijvend kennismaken met de voordelen van een Disan centraal stofzuigsysteem.

Info over Disan: Rudy Demoustiez, Kortrijksestraat 91a 8020 Oostkamp,
tel. 0474 768 297, www.disan.be, rudy@disan.be

Over de zaakvoerder

Rudy Demoustiez is het levende bewijs dat je een succesvolle zaak ook met een gezinsleven kunt combineren. Als alleenstaande vader van twee kinderen van 11 en 14 jaar staat hij niet alleen in voor de verdere verspreiding en promotie van dit uniek stofzuigersysteem waar zowel particuliere woningen als bedrijven, de industrie en horeca mee gebaat zijn.
Bovendien neemt Rudy ook de dagelijkse zorg en opvoeding van zijn twee kinderen op zich. Misschien geen eenvoudige combinatie, maar Rudy maakt er een erezaak van om tussen de drukke bedrijvigheden toch de nodige ‘quality time’ met zijn kinderen door te brengen. “Alles is een kwestie van goed te plannen en je prioriteiten te stellen”, aldus Rudy. “Mijn kinderen en ik vormen een goed team. We maken duidelijke afspraken, en iedereen heeft zijn taak. Ik wil vooral ook een aanwezige vader zijn die zijn kinderen ziet opgroeien. Ik vervul mijn taak als vader met hetzelfde enthousiasme dat ik in de uitbouw van mijn zaak steek.”

Column: Waarom dansen mensen? Ik dans, dus ik ben…

dansschoenenWaarom dansen mensen? Deze vraag stellen is voor vele dansliefhebbers even bespottelijk als informeren waarom we ademen, eten of drinken. Op het gevaar af me belachelijk te maken waagde ik het toch.

Stefaan Van Laere

Dans is van alle tijden. Van zodra er ritme was, werd er ook gedanst. Oervolkeren deden het bij wijze van ritueel om zich voor te bereiden op de jacht of een gevecht met andere stammen, maar evengoed om ziektes letterlijk uit het lijf te dansen of om regen af te smeken.
Intussen betekent dansen voor wel iedereen die er zich aan waagt iets anders. Een kleine rondvraag bij liefhebbers brengt meteen een brede waaier aan motivaties en emoties boven. Dansen doen we om de meest uiteenlopende redenen: omdat het ons innerlijk en uiterlijk in beweging brengt, omdat het troost biedt, of gewoon omdat we moeten…

Loslaten

Sandra (24) ontdekte tijdens een workshop dans en beweging op het Antwerpse Zuid dat het dansen haar hielp een relatiebreuk te verwerken. “Mijn vriend en ik zaten op een andere golflengte, de oceaan tussen ons werd te diep. Ik verwijt hem niets, de magie tussen ons was gewoon weg. Ik liep enkele dagen depressief rond, tot een goede vriendin me voor deze workshop inschreef. Aanvankelijk tegen mijn zin, maar de lesgeefster deed me nadenken over de helende kracht van de dans. Ik leerde er loslaten, en opnieuw genieten. Ik kreeg er ook de smaak te pakken, en volgde intussen al lessenreeksen salsa, volksdans en tempeldans. Heel uiteenlopende dansen, maar daar voel ik me net goed bij. Het gekke is dat ik onlangs ook mijn ex-vriend, die nochtans helemaal geen danser was, op de dansvloer gezien heb. Hij heeft dus blijkbaar intussen ook de microbe te pakken.”

Alle remmen los

Geertje (19) heeft haar eerste jaar studies geneeskunde achter de rug en slaagde met onderscheiding. “Ik had het tijdens de vakantie nodig om alle remmen los te laten. Je kon me bijna elke dag tijdens het Gentse Feesten in het Baudelopark vinden om lekker uit de bol te gaan op het Boombal, en ook De Dijk Danst in Middelkerke was voor mij een hoogtepunt. Ik weet niet eens of je wat ik doe eigenlijk dansen mag noemen, het is eerder alle zorgen vergeten, me laten leiden door het ritme van de muziek en alles om me heen vergeten. Ik plan in ieder geval om tijdens het schooljaar geregeld te blijven dansen, want het geeft me energie en het vormt het ideale tegenwicht voor de droge cursussen. Misschien word ik later wel de eerste dansende hersenchirurg (lacht).”

Afdalen in jezelf

Annick (36) doet aan buikdansen, niet om anderen te behagen maar omdat het haar helpt innerlijke rust te bereiken. “De meeste mensen denken dat ik heb leren buikdansen om mijn man te plezieren. Dat was in het begin misschien zo, maar intussen ben ik eraan verslaafd. Ik vind mezelf eerder dik en zeker geen fotomodel. Het was een grote overwinning om aan buikdansen te beginnen, en ik heb in het begin veel moeite gehad om die drempel te overwinnen. Nu zou ik die wekelijkse les niet meer kunnen missen. We zijn samen met gelijkgestemde zielen, en al buikdansen daal ik steeds dieper af in mijzelf. Een dans die letterlijk vanuit de buik vertrekt kan niet anders dan gevoelsmatig zijn. Ik leer er mijzelf steeds beter door kennen en vooral mijzelf aanvaarden.”

Leven in stijl

Albert (57) houdt vooral van stijldansen en schuift met zijn echtgenote Audrey (55) de salons af. “Al wordt het wel steeds moeilijker om nog ergens met een echt orkest te kunnen walsen. Ballroomdansen zit de laatste tijd steeds meer in het verdomhoekje. Vroeger werd naar ons opgekeken omdat we ons mooi kleedden en naar het weekend toeleefden, nu reageren mensen eerder meewarig. Voor mij is het wedstrijdelement niet zo belangrijk, maar het is wel een motivatie om telkens weer je best te doen. Mijn vrouw is Britse, en daar is het wel nog de gewoonte dat mensen aan wedstrijden deelnemen. Die moderne dansen zijn niet aan mij besteed, maar ik ga er zeker niets negatief van zeggen. Iedereen danst zoals hij wil, en voor mij is het vooral een weerspiegeling van een levenswijze. Ook in mijn vrije tijd loop ik graag goed gekleed rond, dus waarom niet op de dansvloer?”

Samen dansen

Peter (41) noemt zich een gepassioneerd gelegenheidsdanser. “Ik volgde wel al eens enkele cursussen, van alles wat eigenlijk van Afrikaanse dans tot tango, lindy hop en capoeira maar toch dans ik vooral spontaan omdat ik het niet kan laten. Trouwfeesten, muziekoptredens van wereld- en folkgroepen maar even goed een rockbandje of zelfs een klassiek orkest, het maakt niet uit. Ik vraag me niet af of ik technisch goed dans, het is gewoon een kwestie van doen. Dans is voor mij het ultieme communicatiemiddel, iets wat je bij voorkeur met anderen samen deelt. Het kan helpen verdriet te verwerken, het is de ideale uitlaatklep na een week hard werken en natuurlijk ook fantastisch om je eens lekker uit te leven. Kortom, ik dans, ik ben.”

Aardbeien: veelzijdig lekker

 

aardbeien-gecomprimeerdIn de salons van de componist Vinteuil worden in ‘A la recherche du temps perdu’ van Marcel Proust niet toevallig talloze verrukkelijke schotels met aardbeien geserveerd, want in deze middens gold deze lekkernij als het neusje van de zalm. Ook Franz Schubert was verlekkerd op aardbeien. Van deze componist werd beweerd dat hij in het seizoen elke dag meerdere royale porties aardbeien tot zich nam, zeker wanneer hij in een creatieve periode zat. Aardbeien als inspirerend brain food dus. Keuze is er alvast te over, want wereldwijd vinden we niet minder dan 600 aardbeirassen terug.

 

De aardbei is letterlijk iets aards, groeiend in de vruchtbare bodem. ‘Aard’ verwijst naar aarde, omdat de vruchten dichtbij de grond groeien. Het tweede element ‘bei’ staat voor bes, al is de aardbei botanisch gezien geen bes maar een van de kleinste vertegenwoordigers van de rozenfamilie waartoe ook appels, peren en kersen behoren. Zo zwellen de vruchtbladeren van de aardbei niet op, maar blijven ze dun en groen. De bloembodem zwelt wel op, waarna ze bloedrood kleurt en sappig wordt. De deelvruchtjes vormen met de gezwollen bloembodem een zogenaamde schijnvrucht, ‘faux fruit’ zoals de Fransen het duidelijker zeggen.

Al in de oertijd werden aan deze schijnbes magische krachten toegeschreven, en in de volksgeneeskunde heeft de aardbei algauw een belangrijke plaats verworven. Van recentere datum is de connotatie met het zinnelijke. In de late Middeleeuwen werd de aardbei als een onweerstaanbaar afrodisiacum beschouwd.

 

De aardbeienteelt is over de hele wereld verspreid. Zo vinden we gekweekte aardbeien op grote schaal in de Verenigde Staten, Frankrijk, Italië, Verenigd Koninkrijk, Bulgarije, Polen, België, Nederland, Zuid- en Oost-Afrika, Nieuw-Zeeland, Australië en Japan.

Nergens worden zoveel aardbeien gegeten als in de Verenigde Staten. Daar lusten niet minder dan 94% van de bewoners geregeld aardbeien. Per hoofd verbruiken de Amerikanen jaarlijks 2 kg verse en 1 kg diepvriesaardbeien. 65% van de Amerikaanse productie is afkomstig uit Californië, dat jaarlijks ongeveer 500 miljoen kg aardbeien voortbrengt.

In Amerika is de aardbeienkweek zelfs de voornaamste teelt van kleine vruchten. Met kwekerijen van Florida tot Alaska en grote concentraties in niet alleen Californië maar ook Washington, Oregon, Louisiana, Michigan en Tennessee behoort de aardbeienteelt er tot een van de belangrijkste agrarische activiteiten. Het jaarlijkse Santa Maria Valley Festival (Californië) in april  is een klassieker die bezoekers uit het hele land lokt. Een van de oude gerechten die er traditioneel geserveerd wordt is een Indiaanse delicatesse, aardbeienbrood met geroosterd vlees.

Noorwegen gaat er prat op de lekkerste aardbeien te telen. Dat zou te wijten zijn aan de erg lange en egale zomers zonder té hoge temperaturen.

 

België en Nederland spelen een belangrijke rol in zowel de kweek als de consumptie van aardbeien. De aardbeienteelt is in de Lage Landen al enkele jaren aan een heropleving toe. Dat is ook een gevolg van de productiebeperkingen die gelden in de landbouw. Boeren botsen tegen het vergunningenbeleid en de melkquota. Als uitweg kiezen velen voor diversificatie. In de jaren 1990 hebben meerdere kwekers zich aan de vollegrond-, substraat- en tunnelteelt van aardbeien gewaagd.

In België staat het Waalse Wépion bekend als de ‘hoofdstad’ van de aardbei. Al in de 17de en 18de eeuw werden hier in de tuinen van de betere kringen aardbeien gekweekt, maar het is vooral in de 19de eeuw dat de teelt een grote groei kende. Het microklimaat mag erg gunstig voor de aardbeienteelt genoemd worden. Zo weerhoudt de kalkrijke bodem nauwelijks water en heeft de grond maar weinig zon nodig om opgewarmd te worden.

De ‘Fraise de Wépion’ staat dan ook bekend als een authentiek natuurproduct. Deze aardbeien worden nog steeds in volle grond in openlucht of onder een beschermende tunnel tegen de nachtvorst gekweekt. Jaarlijks worden de plantjes nauwgezet geselecteerd en met de hand geplant om een meer smaakvolle oogst te verzekeren. De aardbeien worden bevloeid door een speciaal systeem ‘druppel per druppel’, wat de juiste hoeveelheid water om tot volle groei te komen garandeert en de aardbeien ook tegen ziektes en schimmel beschermt. Een strobed zorgt voor extra bescherming tot aan de oogst.

Het aardbeienmuseum van Wépion staat over de hele wereld bekend. Het is ondergebracht in een oude tuinmanswoning (19de eeuw) in het park van een herenhuis, typisch voor de streek van de Maas.

Rond 1980 zat menig tuinder in de streek rond Hoogstraten in de Vlaamse Kempen met de handen in het haar. De Spaanse toetreding tot de Europese Unie dreigde de Vlaamse aardbei te verdringen. De ontdekking van de nieuwe variëteit Elsanta maakte door zijn lange houdbaarheid van de aardbeiplanten in koelcellen de nateelt mogelijk. Ook de proeftuin van Meerle profileerde zich als een belangrijke motor bij de evolutie van de aardbeisector. De hydrocultuur moest in het praktijkcentrum plaats ruimen voor substraatteelt.

Om de vergaarde kennis zo snel en efficiënt mogelijk onder de aardbeitelers in de Noorderkempen te verspreiden, werd een uitgebreid voorlichtingssysteem opgestart.

De scholingsgraad van de huidige generatie tuinders ligt een stuk hoger. De tuinbouwschool van Hoogstraten levert nog altijd bedrijfsleiders af, die na hun opleiding nog enkele gespecialiseerde cursussen volgden.

Plant Research International in Wageningen verricht onderzoek op het gebied van genetica en reproductie van planten, gewasfysiologie, agrosysteemkunde, bodemvruchtbaarheid, verbetering van de gezondheid van planten en optimalisatie van de kwaliteit van producten en productiesystemen. Internationaal staat het instituut bekend als een autoriteit op het gebied van aardbeien, dit sinds 1943.

PRI ijvert voor een verdere stimulans van de ecologie van land- en tuinbouwketens door de ontwikkeling van beter aangepaste gewassen, betere teeltmethoden en een nieuwe generatie gewasbeschermingsmiddelen.

 

Elsanta is de zomertopper van het aardbeienaanbod. Deze mooie kegelvormige vrucht heeft een roodglanzende huid. De smaak is vrij zoet. Het succes wordt verklaard door de stevigheid van de vrucht. Dit ras werd in Nederland ontwikkeld door Plant Research International. Door zijn prima houdbaarheid is Elsanta al jarenlang het hoofdras in de professionele aardbeienteelt. Het kroontje zit stevig op de vrucht, en Elsanta is bijzonder geschikt voor onmiddellijke consumptie. De vruchten zijn groot, kegelvormig, stevig en met een glanzende vruchthuid. Een typische compromisaardbei, goed voor gewoon gebruik maar minder geschikt voor de gastronomie.

Dit ras leent zich tot alle teelvormen, gaande van de kweek onder glas en plastic, de normale teelt in open lucht tot de verlate teelt in volle grond, onder plastic en glas in substraat.

Het ras Polka werd eveneens ontwikkeld in Nederland bij Plant Research International. De vruchten van deze aardbei zijn middelmatig groot, kegelvormig en sappig. Deze stevige aardbei is een ideaal ras om jam van te maken. De sterk glanzende vruchten heeft een aangenaam zoetzuur aroma en een relatief laag suikergehalte. Zowel geschikt voor verse consumptie als de verwerkingsindustrie.

Vrij recent is het ras Sonata, een kruising tussen Elsanta en Polka. Dit ras geeft mooie, kegelvormige aardbeien met een zoetere smaak dan Elsanta. De duidelijk betere smaak maakt van dit ras een topper.

Darselect is een vrij recente variëteit van Elsanta als een van de kruisingouders. Darselect heeft een iets doffere en meer donkere huid dan Elsanta, maar is eveneens erg smaakvol. Darselect is erg belangrijk bij de voorjaarsteelt onder glas en onder tunnels. Het is een aardbei met grote vruchten, lijkend op de vorm van Elsanta met langwerpiger en smaakvoller vruchten.

Selva is een meer afgeplatte, kegelvormige aardbei met eveneens een heerlijke smaak en geur, een beschermd ras van de universiteit van Californië. Een doordragend ras met een goede vruchtgrootte en hardheid met een lagere plukarbeid.

Het ras Honeyoye werd in de staat New York ontwikkeld en is vernoemd naar Lake Honeoye. De vruchten zijn donkerrood en glanzend. Specifiek is de iets zurige smaak met een licht zoet accent. Een uitgelezen ras voor wie van een frisse, ietwat afwijkende smaak houdt. De vruchten zijn redelijk groot en als een van de weinige rassen geschikt om in te vriezen.

Mara des Bois is een veel geteelde soort in Frankrijk, een van de smaakvolste doordragers. Dit ras heeft een afwijkende smaak, die eerder aan bosaardbeien doet denken. De vruchten hebben een uitgesproken aroma en zijn mierzoet.

Opvallend is dat deze aardbeien zowel van binnen als buiten donkerrood kleuren. Het ras bloeit de hele zomer en draagt zelfs vruchten tot de eerste nachtvorst in het najaar. Net als de soort Charlotte heeft deze variëteit met zijn sterk aroma een exclusief karakter. Door het gebrek aan stevigheid van de vruchten zijn deze rassen niet geschikt voor de export en dus uitsluitend voor de regionale markten voorbestemd. Een ware delicatesse.

Korona is een van de absolute topsoorten, eveneens afkomstig uit Wageningen. De grote, stevige vruchten zijn donkerrood aan de buitenkant en oranjerood vanbinnen. Korona is erg sappig en heeft een zoetzuur aroma.

Ostara is een doordragende aardbei afkomstig van een fors groeiend gewas met rijke bloei en veel uitloperplanten. De productiviteit ligt behoorlijk hoog en dit ras vinden we vaak bij hobbykwekers terug. Van deze planten kan je het hele jaar onbeperkt vruchten plukken totdat in het najaar de vorst invalt. Wanneer in het voorjaar eventueel bloempjes bevriezen door nachtvorst, maakt Ostara weer opnieuw trossen aan. De vruchten van deze aardbei zijn vrij groot, regelmatig en kegelvormig. De stevige vruchten zijn sappig en fris van smaak met een goed aroma.

De vrucht van de Lambada aardbei heeft een heerlijk vol aroma en is vanwege zijn goede smaak, mooie rode kleur, prachtige vruchtvorm en grootte een prachtige aardbei om zowel uit het vuistje te eten als voor banketbakkers en gastronomische restaurants.

 

Tekst Stefaan Van Laere 

Fles van de week: Pitu cachaça

zeg niet zomaar rum tegen cachaça

zeg niet zomaar rum tegen cachaça

Fles van de week
Pitú cachaça

We kennen allemaal de Cubaanse rum als een belangrijk bestanddeel van cocktails, maar Zuid-Amerika heeft nog andere geestrijke dranken op basis van suikerriet. Cachaça is de nationale Braziliaanse drank bij uitstek, pittige van smaak en de ideale basis voor een caipirinha cocktail.

Cachaça is één van de meest bekende exportproducten van Brazilië. Deze drank moet volgens de wet tussen de 38 en 54 % alcohol bevatten en gemaakt zijn van het sap van suikerriet. Cachaça stamt uit het begin van de 16e eeuw. De drank werd in die tijd voornamelijk gebruikt om de slaven die het suikerriet teelden meer te laten produceren door hen een dagelijkse portie van dit distillaat te geven. Het schuim van het distillaat werd als voer gebruikt voor geiten en schapen.
In de 17de en de 18de eeuw was cachaça doorgaans van inferieure kwaliteit. Het stookproces stond nog niet op punt, en het werd vooral beschouwd als een product voor alcoholici en vechtersbazen. Van 1635 tot 1639 kwam het zelfs tot een verkoopverbod.
Na een lang proces van verbeteringen is cachaça sinds het midden van de 19de eeuw de volksdrank van Brazilië, onlosmakelijk verbonden met carnaval en later ook met voetbal.
Cachaça wordt vaak de ‘Braziliaanse rum’ genoemd, maar hiermee doet men deze drank te kort. Rum wordt voornamelijk uit melasse en uit het afval van suikerriet gedistilleerd, terwijl goede Cachaca vertrekt van het geperste sap van het nog groene suikerriet.
Voor de meeste producenten is cachaça maar een radertje in een zelf regulerend systeem. Voor goede cachaça wordt enkel het sap gebruikt. Van de rest van het riet wordt in de eigen fabriek doorgaans papier en karton gemaakt, wat weer als verpakkingsmateriaal kan dienen. De pulp van het riet wordt tot veevoer vermalen die de veestapel voedt, en die komt dan weer het personeel ten goede.

Pitú

Pitú Cachaça (40%) is zowat de nationale drank van Brazilië. Vandaag de dag wordt Pitú geëxporteerd naar vrijwel alle landen van de wereld. De geschiedenis van het bedrijf gaat terug tot 1938 toen Ferrer de Morais en Candido Carneiro in het noordoosten van Brazilië een suikerrietfabriek begonnen. Hun allereerste distillaat bleek een schot in de roos, en dit eerste stooksel was zonder enige publiciteit meteen uitverkocht.
Om deze instant populaire drank een naam te geven zat de hele familie met de kinderen op een avond samen aan de oever van de plaatselijke rivier. Ze speelden er een van hun favoriete spelletjes, de dieren en dingen die ze in het water zagen natekenen en de anderen moesten raden. Een van de kinderen tekende een ‘Pitú’, een zeldzame riviergarnaal die enkel in dat deel van Brazilië voorkomt. Meteen was de naam gevonden, en deze tekening prijkt nog steeds op de fles.
Pitú staat bekend als een van de zuiverste cachaça’s van Brazilië. Deze premium cachaça wordt volgens de meest geavanceerde technieken gedistilleerd uit het beste en zuiverste suikerriet, per fles van 75 cl minimum 5 kg suikerrietextracten. Resultaat is een verrassend fruitige en frisse smaak, helemaal niet zoet en met een zachte afdronk. Ideaal dus voor cocktails, en deze cachaça vormt dan ook een geknipte basis voor een caipirinha, de nationale cocktail die traditioneel geserveerd wordt in lange brede bekers met korte rietjes.

Recept Pitúrinha (caipirinha met Pitú)

Verdeel een limoen in acht delen en doe deze in een glas.
Voeg er dan 1 tot 2 koffielepels rietsuiker of witte suiker aan toe.
Pers met een stamper het sap uit.
Vul het glas met fijngemaakt ijs, voeg er 5 cl Pitú bij.en meng alles goed door elkaar.

Invoerder: Cinoco, tel. 02/410.47.47

Stefaan VAN LAERE

Thomas Voeckler

Thomas Voeckler net voor de okselkieteltest...

Thomas Voeckler net voor de okselkieteltest...

Dat vinden we nu eens gewéldig, zie! Vandaag de vijfde rit in de Tour met net na een zware ploegentijdrit een rit met een ogenschijnlijk klassieke ontknopîng: een stel renners ontsnapt met goedkeuren van het peloton, mag de hele dag vooruit rijden om publiciteit mee te pakken, wordt ingehaald net voor het einde en dan is er een massaspring met Mark Cavendish als winnaar.

Mis poes! Dat was vandaag zonder Thomas Voeckler gerekend, de Franse desperado die een patent heeft op lange ontsnappingen. Toegegeven, hij stond zeker niet vooraan toen het talent werd uitgedeeld, maar dat kereltje heeft wel lef. Negen keer op tien, wat zeg ik, negenennegentig keer op honderd loopt het op een sisser af, want die jongen heeft wel lef. En intussen al een aardig palmares (tien dagen gele trui, Frans kampioen en een hele resem ritten in rittenkoersen) en de Fransen zijn er gek op.

En ik dus ook.

Mosselen uit Shetland en Vlaanderen

 

Mosselen uit de Shetlands: te duchten concurrent voor de Zeeuwse mosselen?

Mosselen uit de Shetlands: te duchten concurrent voor de Zeeuwse mosselen?

Concurrentie voor het Zeeuwse zwarte goud?

 

 

Zijn de gloriedagen van de Zeeuwse mossel voorbij? De kwekers uit Zeeland kijken argwanend naar de toekomst, want met mosselen uit de Shetlands en Vlaanderen dient zich stevige concurrentie aan.

 

De lancering van de eerste lading Zeeuwse mosselen is traditioneel elk jaar opnieuw een belangrijk moment voor de smulpapen, zeker in België. Onze zuiderburen hebben niet voor niets de naam van grootste mosseleters ter wereld, en klassiek zijn dat vooral Zeeuwse mosselen. Voorlopig althans nog, want de schaarste van de laatste jaren lijkt de Zeeuwse mosselkweek steeds meer parten te spelen.

De vooruitzichten voor de toekomst van de Zeeuwse mossel zijn niet bepaald rooskleurig, mede door de toenemende macht van de milieulobby die langsom meer beperkende maatregelen oplegt. De Zeeuwse mosselkwekers mogen in eigen boezem kijken, want ze zijn zelf deels verantwoordelijk voor de impasse. De Japanse oester werd in de jaren 1970 in de Zeeuwse wateren geïntroduceerd om de oesterkweek nieuwe zuurstof te geven nadat strenge winters en de oesterziekte de productie van de inheemse platte oester hadden gekelderd. De Japanse oester vond in deze wateren een bijzonder mild microklimaat zonder natuurlijke vijanden, met een enorme wildgroei tot gevolg. Deze oesters gaan de Zeeuwse mosselen steeds nadrukkelijker bedreigen, en ook de invoer van buitenlands mosselzaad en halfwasmosselen uit bijvoorbeeld Ierland biedt onvoldoende alternatieven om aan de stijgende vraag te voldoen.

 

Mosselen uit Shetland

 

Andere, minder voor hand liggende mosselregio’s maken zich intussen aan om de Beneluxmarkt te veroveren. Een van de verrassende nieuwe spelers op de mosselmarkt is Isle of Shuna, een mosselproducent uit de Shetlands die intussen twintig jaar ervaring heeft maar pas nu over de grenzen kijkt. De naam is enigszins verwarrend, want hij verwijst naar het gelijknamige eiland dat helemaal niet op de Shetlands maar aan de westkust van Schotland ligt. De oprichter van dit bedrijf was van Isle of Shuna afkomstig, vandaar.

Tot voor kort kenden culinaire liefhebbers de Shetland eilanden (de meest noordelijk gelegen eilandengroep van Schotland) enkel van het succulente Schotse lam, de vis en de oesters. De voorbije jaren zijn de Shetlands aan een inhaalbeweging toe, onder meer dankzij het ontdekken van olie in de jaren 1970. Op pakweg dertig jaar groeide de eilandengroep uit tot een van de meest welvarende regio’s van Schotland, en sinds kort wordt ook geïnvesteerd in nieuwe industrieën. Zo wordt op de Shetlands sinds kort bier gebrouwen en een eigen wodka en gin gedistilleerd, en zijn er ook plannen om op termijn een whiskydistilleerderij op te starten.

Maar hét paradepaardje van de Shetlands zou wel eens de Isle of Shuna mossel kunnen worden. “We hebben alle troeven in handen”, klinkt het stoer bij managing director Donny Gillies. “Tot voor kort hadden we hier heel wat vissers, maar die krijgen het door de steeds strengere visquota en de druk van de milieubeweging van jaar tot jaar moeilijker om te overleven. De visvangst is bovendien een zware stiel. De vissers zijn vaak wekenlang van huis, en het is nog gevaarlijk ook. Overschakelen naar de mosselteelt is voor hen een geschenk uit de hemel. Enerzijds behouden ze hun vrijheid, anderzijds hebben ze het gevoel mee aan de wieg te staan van een nieuwe, opwindende industrie met veel mogelijkheden.”

De mosselteelt op de Shetlands is een relatief jonge bezigheid. “En zeggen dat de mosselen hier zo gemakkelijk groeien”, schudt operations manager Alan Manzie het hoofd. “Tot voor enkele jaren werd op de mosselteelt neergekeken. Wij Britten hebben helemaal niet die traditie om mosselen te eten zoals in België en Nederland. De mossel was hier typisch een afvalproduct, iets wat vaak letterlijk als visvoer diende. Het is maar toevallig dat we hebben ontdekt wat er culinair allemaal met onze mossel mogelijk is. Eerst hebben we bestudeerd hoe onze collega’s het in Zeeuws-Vlaanderen deden. Wij kwamen algauw tot de conclusie dat we het beter konden, hoe onbescheiden dat ook mag klinken.”

De mosselproducenten van de Shetlands hebben inderdaad alle troeven in handen. De kweekmethode aan de koord is een manier om met respect voor de natuur mosselen te kweken die bovendien van superieure kwaliteit zijn. “De mosselen van Isle of Shuna genieten optimaal van ideale groeiomstandigheden. Het zogenaamde mosselbroed, de larve van de toekomstige mossel, zet zich op een natuurlijke wijze vast aan hangende touwen die in volle zee aan boeien bevestigd zijn”, vat Alan Manzie de productiemethode samen. “De mosselen groeien non-stop gedurende ongeveer 28 maanden ondergedompeld in bijzonder planktonrijk water, gevoed en verwarmd door de Golfstroom. De Shetlands liggen weliswaar erg noordelijk, even ver van de dichtstbijzijnde Schotse stad Aberdeen als het Noorse Bergen, maar toch heerst hier door die Golfstroom een opmerkelijk mild klimaat. Tijdens de zomer is het hier een aangename 15-16°C, in de winter vriest het hooguit een paar graden. Andere troef is de bijzondere zuiverheid van het zeewater. We liggen hier ver van de steden en de industrie, en dat merk je aan het water. Erg belangrijk, want een mossel filtert zeewater op zoek naar voedsel met een snelheid van 2 tot 5 liter per uur. Mosselen zijn dan ook erg gevoelig voor vervuiling.”

 

Meer mosselvlees

 

Maar tijd nu dat we de proef op de som nemen. De plaatselijke kok van Isle of Shuna serveert (kan het klassieker) Isle of Shuna mosselen met friet. Mosselen op twee manieren bereid: puur natuur en in een witte wijnsaus. Het eerste wat opvalt, is de dunne schelp van de mossel. Donny Gillies: “Een gevolg van de kweek op koord. De techniek van de klassieke mosselput stelt de mossel bij laagtij bloot aan de zon, wat voor een dikkere schelp zorgt. De mosselen van Isle of Shuna bevatten gemiddeld 30% meer mosselvlees dan de Zeeuwse mossel.”

De smaak van deze mossel is opvallend licht en romig, met een lange nasmaak. We herkennen zelfs een hint naar turf. “Dat klopt”, knikt Donny Gillies. “De bodem van de Shetland eilanden bevat heel wat turf. Onze mosselen kunnen bij het bereiden dan ook een licht turfgeur en –smaak vrijgeven. Je zou het de stempel van het huis kunnen noemen.”

 “Uit onze eerste proeverijen blijkt dat de Belgen en Nederlanders onze mosselen naar waarde weten te schatten. Onze mosselen worden bovendien door voedingsdeskundigen aanbevolen”, weet Donny Gillies. “Het magere vlees (70kCal per 100 gram mosselvlees) is een grote bron aan omega-3 vetzuren. Ter vergelijking: de Shetland mossel bevat per 100 gram 1 gram omega-3, tegenover 0,3 gram voor gerookte schelvis of garnalen. De mossel is bovendien rijk aan fosfor, ijzer, seleen en de vitamines A, D, B1, B2 en B12.”

 

Ambitieus

 

Isle of Shuna is behoorlijk ambitieus. “Nu al staan we in voor 25% van de verkoop van mosselen in Groot-Brittannië. Weliswaar zijn de mosselen nog niet echt prominent aanwezig in de Britse gastronomie, maar we maken snel vooruitgang. Zo heeft tv-kok Rick Stein, specialist van vis en zeevruchten, onze mosselen op de kaart van zijn restaurant Padstow in Cornwall gezet. De verovering van de Benelux willen we stapje voor stapje aanpakken. Vanuit België is er al heel wat interesse, en we liggen er sinds 2008 al in de supermarkt. Het is onze ambitie om jaar na jaar onze omzet in de Benelux te verdubbelen tot verdriedubbelen. Eens onze mossel bij jullie geïntroduceerd, willen we jullie ook onze eigen bereidingswijzen leren kennen. Zo is de gerookte mossel bij de Britse consument intussen wel al geliefd. Het gaat om een rookproces te vergelijken met gerookte zalm, een smaak waar je even moet aan wennen maar die aan de mossel een nieuwe dimensie geeft.”

 

Vlaamse mosselen

 

Ook Vlaanderen, traditiegetrouw per hoofd gezien de grootste mosselverbruikende regio ter wereld, kon niet achterblijven in de ‘mosseloorlog’. Het was de Vlaamse visnijverheid al jarenlang een doorn in het oog dat de mosselprijzen steeds maar stegen en zij geen graantje konden meepikken. De mossel, in menig Vlaams huisgezin tot voor enkele jaren een doordeweeks product, is na de voortdurende prijsstijgingen een waar luxegerecht geworden.

“We konden niet langer werkloos blijven toezien hoe anderen met de centen gingen lopen”, zegt Ivan Victor, voorzitter van de Stichting voor Duurzame Visserijontwikkeling. “De Vlaamse visserij heeft het steeds moeilijker om te overleven, en we begonnen enkele jaren geleden met het opstarten van een eigen Vlaamse mosselkweek. Het heeft ons enige tijd gekost om de nodige vergunningen en certificaten te verkrijgen, maar vanaf mei 2008 kunnen we eindelijk met de nodige trots onze eigen Flanders Queen Mussel op de markt brengen. Dit zou wel eens de redding van onze visserij kunnen betekenen.”

De Vlaamse mossel is net als de Shotse het resultaat van hangcultuur in open zee. “De mossel zal vanaf mei 2008 verkrijgbaar zijn”, aldus Ivan Victor. “De smaak ligt ergens tussen die van de Zeeuwse mossel en de Franse bouchot mossel. De mossel bevat gemiddeld meer mosselvlees dan de Zeeuwse, en nu al zetten we onze chefs achter de scherm aan het werk om allerlei nieuwe, inventieve recepten te bedenken.”

Met deze mossel wil de Vlaamse visserij maximaal spelen op de term ‘streekproduct’. “Want zeg nu zelf, wat is er typischer Vlaams dan een pint bier, frieten en mosselen van eigen bodem?” maakt Ivan Victor zich sterk.

 

Page 1 of 212»